#

Het einde der populisten?

20 Mei 2015

 

Vandaag een weblog van onze eigen voorzitter: Jasper van den Hof schrijft over populisme in Nederland en Europa.

Populisme. Sinds het gigantische, maar kortstondige succes van de lijst van Fortuyn en het daaropvolgende — en nog altijd aanhoudende — succes van de Partij van de Vrijheid van Wilders is populisme in de politieke cultuur en wetenschap niet meer weg te denken. Politici beschuldigen elkaar ervan, commentatoren duiden het in de media en onderzoekers proberen het te bestuderen en in theorieën te vangen. Populisme is, kortweg, trending.

Nederland is niet het enige land waar populisten de laatste decennia aan de weg timmeren. Het Franse Front National of de Deense Folkeparti bestaan respectievelijk al sinds de jaren ’70 en ’90 van de vorige eeuw en ook elders in Europa schieten populistische partijen uit de grond. In Europa gaat dit vaak gepaard met euroscepsis en/of nationalisme en dat is eigenlijk ook heel logisch, want van nature richt de populist zich tot ‘het volk’. Populisten kijken naar de samenleving met het gevoel dat er iets uit het verleden verloren is geraakt en dat het land in crisis verkeerd. Die crisis kan alleen afgewend worden door de deugdelijkheid van het volk. Dat volk is een geïdealiseerde versie van een groot deel, maar niet alle, inwoners van het land, want populisten weten vaak heel goed te bepalen wie niet bij het volk hoort. Mensen met dubbele paspoorten of de elite bijvoorbeeld maken zelden deel uit van het volk. Vaak zijn diegene die niet tot het volk worden gerekend volgens de populist ook de oorzaak van de problemen waar het land nu voor staat.

Een populist zal het altijd hebben over de ‘echte’ Nederlander, Fransman of Deen. In de werkelijkheid zijn er talloze verschillen te noemen tussen degene waarvan de populisten zeggen dat ze tot ‘het volk’ behoren, maar de populistische retoriek haalt een truc uit. Door mensen aan te spreken als deel van dezelfde groep, ‘het volk’, creëren ze een gevoel van samenhorigheid. Daarnaast is het in een democratische samenleving altijd goed voor je legitimiteit als je spreekt, of claimt te spreken, uit naam van een grote groep en welke groep is er groter dan het volk?

Maar, wat is er eigenlijk nu zo verkeerd aan populisme, want een politicus die de nadruk legt op het vertegenwoordigen van het gevoel van de burger is toch helemaal zo slecht niet? Dat is in theorie zeker waar, maar er zijn toch een aantal mindere kanten aan het populistische verhaal. Zo hebben populisten de neiging om simpele oplossingen te willen geven voor complexe problemen en hebben ze een inherente neiging naar sterk, charismatisch leiderschap, wat een mogelijk gevaar kan zijn voor de democratie, mocht een populistische beweging echt succesvol zijn. Bovendien kent populisme geen eigen ideologie en streeft het ook geen utopie na vanuit een toekomstvisie. Socialisten, liberalen en zelfs confessionelen proberen via politiek hun ideologische werkelijkheid te bewerkstelligen met het idee dat de toekomst er dan beter uit zal zien. Populisten kijken echter naar het verleden en zien dat men nu in het heden slechter af is en proberen dat verleden vervolgens terug te brengen. Geen ideologie, maar nostalgie dus.

Er valt dus genoeg af te dingen op populisme, maar betekent dat dan ook dat we er ons actief tegen zouden moeten verzetten? Dat is nog maar de vraag, want populisme is namelijk zelfdestructief. De populist zal altijd ageren tegen de heersende instituties en politieke elite, want deze zijn corrupt en niet deel van het mythische volk. De oplettende lezer heeft gemerkt dat ik het hierboven enkel over populistische bewegingen had, populisten noemen zich niet toevallig zo. Politieke partijen maken namelijk deel uit van het systeem waartegen populisten zich zo verzetten. Toch moeten populisten, in een democratische samenleving, noodgedwongen werken via de instituties die ze hekelen als ze hun doel willen behalen. Een populistische beweging zal na verloop van tijd toch zichzelf een bepaalde organisatiestructuur moeten aanmeten, zodat ze door kan blijven gaan in het verkondigen van de boodschap van het volk. Dit is de eerste stap richting institutionalisering van de populist. Aangezien veranderingen altijd tijd vereisen, zijn er op de lange termijn voor populistische partijen eigenlijk maar een paar uitkomsten: of de partij wordt langzaam deel van het systeem waartegen ze zich verzette óf de beweging weigert zich te organiseren en wordt daardoor geteisterd door interne conflicten of valt zelfs volledig uit elkaar.
Zo bekeken zien we dus dat populisme door de beperkingen die het zichzelf oplegt uiteindelijk ten dode is opgeschreven. Hoewel het nu nog onmogelijk lijkt in Europa weten we al: aan elke trend komt een einde.

Gebaseerd op Paul Taggarts, Populism. (Buckingham: Open University Press, 2000).


Doorzie jij ook de machinaties van de politiek en weet jij precies hoe de politieke cultuur veranderd? Of wil je jouw kennis en inzicht over een ander onderwerp delen? Neem dan contact op met Commissaris Promotie Wouter van Erkel (promotie@jdgroningen.nl) en wie weet staat hier binnenkort jouw verhaal!

 

Categorie: Weblog